De drinkbeker die niet aan Jezus voorbijging

In Lucas 22:44 lezen we dat Jezus tijdens het bidden een zware geestelijke strijd voerde. Hij was in doodsangst en zijn zweet viel in grote druppels als bloed op de grond. Jezus zweette bloed. Die drinkbeker ging niet aan hem voorbij.

Dit verschijnsel ‘het zweten van bloed’ wordt in de medische wetenschap ‘hematidrosis’ genoemd. Het komt niet vaak voor, maar kan optreden bij extreme stress. Als iemand onder zware psychische druk staat, en weet dat zijn dood nadert, kunnen in de haarvaten in de zweetklieren kleine bloedinkjes plaatsvinden. Het zweet vermengt zich met bloed.

Intense gebedsstrijd

Jezus zweette bloeddruppels voordat hij ter dood gebracht werd. Hij wist hoeveel Hij de komende uren zou moeten lijden. Johannes 18:4 zegt dat ‘Jezus alles wist wat er over Hem komen zou’. Wij lezen dat Hij werd overvallen door doodsangst. Tijdens deze intense gebedsstrijd was het hoofdpunt in zijn gebed: ‘Vader, als U het wilt, neem dan deze beker van Mij weg; maar laat niet mijn wil, maar Uw wil geschieden.’ Op welke beker doelt Hij?

Een aantal uren daarvoor had Hij nog de Paasmaaltijd met zijn twaalf discipelen gehouden. Het is bekend dat de Joden tijdens die maaltijd in totaal vier bekers wijn (of druivensap: vrucht van de wijnstok) drinken. Deze vier bekers zijn gebaseerd op Exodus 6:5-6 waar vier beloften van God staan. De eerste beker is de beker van de heiliging: ‘Ik zal u uitleiden van onder de dwangarbeid van de Egyptenaren.’ De tweede beker is de beker van de bevrijding: ‘Ik zal u redden uit hun slavernij.’

Toen de Here Jezus in de hof van Getsemane was, dronk Hij de drinkbeker van Gods toorn tot de bodem leeg.

De derde beker is de beker van de verlossing: ‘En u verlossen door een uitgestrekte arm.’
De vierde beker is de beker van de aanvaarding: ‘Ik zal u tot Mijn volk aannemen en Ik zal u tot een God zijn.’
Elke beker symboliseert een belofte van God aan het volk Israël. De vier Paasbekers zijn als het ware samengevoegd tot de ene avondmaalsbeker die wij drinken.

Gods toorn

Maar Jezus bedoelde in Getsemane een andere beker. Om te ontdekken over welke beker het gaat, moeten we ons wenden tot het Oude Testament. De drie grote profeten, Jesaja, Jeremia en Ezechiël, schrijven ook over een drinkbeker. Jesaja 51: 17 gaat over de stad Jeruzalem die de drinkbeker van Gods toorn, de beker van de bedwelming, tot de bodem heeft leeggedronken. De profeet Jeremia spreekt in hoofdstuk 25:15 e.v. over de beker met de wijn van Gods toorn over de zonde van alle volken. En de profeet Ezechiël profeteert in hoofdstuk 23:32 en 33 over ‘de diepe en wijde beker’, ‘een beker vol spot en hoon, tot de rand gevuld’ en ‘een beker van ontzetting en verbijstering’.

Zonde

Toen Jezus in de hof van Getsemane was, dronk Hij de drinkbeker van Gods toorn tot de bodem leeg. Jezus dronk de schandelijke en smadelijke beker van de ontzetting en de huivering, de verwoesting en de vernietiging – vandaar de dodelijke angst. Hij dronk als het Lam van God de zonden van alle volken, van de hele wereld, die als het ware samengeperst waren in deze ene beker.

Hebreeën 2:9 (HSV) zegt dat Jezus Christus voor allen (dus voor de hele wereld) de dood heeft geproefd. Door het drinken van de beker kwamen al onze zonden, en die van alle mensen, in Jezus’ binnenste. Het dodelijk gif van de zonde drong diep in de Goddelijke en perfecte natuur van Jezus door. Vandaar dat Hij ten dode toe bedroefd was en steeds vuriger ging bidden. Er verscheen zelfs een engel uit de hemel om Hem kracht te geven in deze strijd met de zonde van de gehele mensheid vanaf Adam. Jezus heeft alle vuiligheid en alle onreinheid van de zonde in ons gedronken.
De Here Jezus dronk de beker die vol was van overspel, ontucht, vuiligheid, losbandigheid, afgoderij, spiritisme, occultisme, haat, ruzie, nijd, drift, rivaliteit, onenigheid, sektarisme, jaloezie, dronkenschap, onmatigheid (Galaten 5 : 19-22), en al de andere zonden die voortkomen uit onze zondige natuur, uit ons binnenste. Jezus heeft de dood gesmaakt, zodat wij het leven en Gods goedheid (Psalm 34:9) kunnen proeven.


Nog een beker

Een ander voorbeeld van symbolisch gebruik van het begrip beker vinden we in Matteüs 23:25-26. Daar waarschuwt de Here Jezus de Farizeeën. Zij hadden de buitenkant van hun bekers wel mooi opgepoetst, maar van binnen waren hun bekers vol roofzucht en onmatigheid. De harten van de Farizeeën waren vol zonden. De beker staat symbool voor de binnenkant.


David ten Voorde

David ten Voorde is predikant te Nunspeet, getrouwd met Marleen en vader van twee dochters.
Bron: o.a. ‘Het wonder van het kruis’ van Wilkin van de Kamp

Categorieën: Artikelen