Kijken in de liefdevolle ogen van God

Wat doen Reveilmeiden met een druk gezin het liefst op luiers verschonen, neuzen afvegen en speelgoed opruimen na? Koffieleuten. Latte macchiato, taartje erbij, even uitblazen… Zonder kinderen a.u.b. En dan niet zomaar ergens, maar bij Van Otten, Neerlands beste banketbakker.

Ook gaan de meiden graag naar Warming Up, bijeenkomsten in hun kerk, bedoeld als opwarmer voor de avonddienst. De bezoekers eten samen en luisteren naar een interessante spreker. Het toeval – wat is toeval, maar daarover later meer – wil, dat bakker Van Otten vanavond spreekt. Ook zijn vriend, tegelzetter Schuurman, komt aan het woord. We luisteren ademloos naar hun relaas: over hoe God een bakker en een tegelzetter bij de lurven greep.

Dollartekens

Bakker Eric van Otten mag niet klagen. Het gaat hem voor de wind met 55 mensen in dienst en een bakkerszaak met meerdere vestigingen. Leuke vrouw, gelukkig getrouwd, gezonde kinderen. Bennie, mede-eigenaar van een bedrijf met 50 mensen, vergaat het minder goed. Zijn compagnon bedriegt hem en hij gaat in zijn eentje verder, zonder personeel. In zijn vrije tijd zingt hij in een bruiloftsband. Op een dag steken de vrienden de koppen bij elkaar. Wist je dat er met natuursteen veel geld te verdienen valt? Ze besluiten het zelf te gaan importeren, vanuit Zuid-Afrika, boeken twee tickets en trekken naar de Afrikaanse steengroeven. Langs de weg zien ze bergen afvalsteen liggen. Als ze dat nou eens naar Nederland exporteerden? “We zouden er veel arme mensen mee aan werk helpen; zij werk, wij de business,” vertelt Van Otten. “We hadden dollartekens in onze ogen.”

Handen vasthouden

Tijdens hun verblijf in Zuid-Afrika komt het voor dat Bennie en Eric met de locals eten. Zuid-Afrikaners zijn gewend voor de maaltijd staande in een kring te bidden, terwijl ze elkaars handen vasthouden voor een krachtiger gebed en om de duivel buiten te sluiten. Voor Eric en Bennie is dit nieuw, maar ze doen gewoon mee. Eric: “Onder het bidden werd ik ineens emotioneel. Dat had ik nog nooit meegemaakt. Om mezelf bij elkaar te houden, besloot ik maar even een rondje door de tuin te maken. Wie kom ik daar tegen? Bennie! Ook met vochtige ogen.” Die avond wordt er rondom een vuurtje tot diep in de nacht over God gesproken.
De katholiek opgevoede Eric kwam als kind wel in de kerk, maar als het even kon, kneep hij ertussenuit. Van het geloof wilde hij niks weten. Maar hij kreeg een gelovige vrouw, Irma, die voor hem bad. Midden in een nacht – we schrijven januari 2005 – schrikt Eric wakker van een groot wit licht. Geschrokken knijpt hij zijn ogen dicht en duikt weg onder de lakens. Als hij genoeg moed verzameld heeft, kijkt hij nog eens, maar dan is er niets meer te zien. Dat was geruime tijd voor zijn reis naar Zuid-Afrika.

Toevalligheden

Eric vertelt verder: “In Zuid-Afrika gebeurden allerlei ‘toevallige’ dingen. Als we ’s ochtends iets bedachten, gebeurde het later op de dag spontaan. Op een ochtend hadden we het bijvoorbeeld over het belang van een natuursteendeskundige. ’s Middags diende er zich één aan. Toeval?” De vrienden denken van niet. En wat vinden we hiervan? Eric: “In vier dagen bedachten we een plan waarmee we immens veel Afrikanen aan werk zouden kunnen helpen. Op de vierde dag krijgt onze contactpersoon een bevriende Zuid-Afrikaan op bezoek. We drinken samen een kop koffie. Dan zegt die vriend: ‘Ik heb een geweldig plan bedacht om met afvalsteen heel veel mensen aan werk te helpen’. Hij ontvouwde zijn plan en het leek wel een blauwdruk van ons plan!” Eric en Bennie zijn verbijsterd.

Later die week bezoeken de vrienden de Victoria Falls. In het opspattende water van de watervallen tekent zich een onbeschrijfelijk mooie regenboog af. Zoiets schitterends hadden ze nooit eerder gezien. Eric: “We kregen ontzag voor de grootheid van God.” Voor de terugweg naar hun hotel, kiezen ze nietsvermoedend voor de kortste route. Halverwege het zandpad zien ze hoe enkele jongens het struikgewas induiken. Plotseling lopen ze met z’n drieën; zonder dat ze het in de gaten hadden, heeft zich een beveiligingsbeambte bij hen gevoegd. Op zijn jasje lezen ze: ‘security’. “Ik breng jullie naar jullie hotel”, zegt de man. “Er zijn jongens die jullie willen beroven.” Vervolgens praten ze over koetjes en kalfjes. Maar zodra ze door het hek van het hotel zijn, is de man verdwenen, even ongemerkt als hij gekomen was. Over de vrienden daalt een grote rust. “Alsof dit heel normaal was”, lacht Eric. “Later realiseerden we ons pas in welk gevaar we hadden verkeerd. Als die man er niet was geweest, waren we overvallen.”

God bless you

Wonderlijke gebeurtenissen stapelen zich op. Op een middag koopt het tweetal nieuwe batterijen voor hun camera. Onderweg ontmoeten ze een jongen met een tooi op zijn hoofd, die om geld vraagt voor zijn familie. Hij draagt dezelfde kleding als de leden van de dansgroep die een paar keer opgetreden heeft in het restaurant van hun hotel, maar hem hebben ze niet eerder gezien. Even twijfelen ze, maar toch geven ze hem wat geld, waarna hij een boek tevoorschijn haalt. Of ze er iets in willen zetten, vraagt hij. ‘God bless you’, schrijven ze. Waarom ze juist die woorden kiezen, weten ze zelf niet. Later in het hotel horen ze de dansgroep weer optreden. De twee besluiten vanaf de balustrade even te gaan kijken. Dit keer danst ook de getooide jongen mee. Hij staat met zijn rug naar hen toe en kan hen onmogelijk gezien hebben. Plots draait hij zich om, kijkt hen recht aan, wijst naar hen en steekt zijn duim op.

Eenmaal terug in Nederland worden ze steeds met God geconfronteerd. Tijdens een weekendje met zakenlieden in Parijs bijvoorbeeld. Het gezelschap belandt in een nachtclub. Eric: “Alleen iets drinken en dan wegwezen, riep ik nog.” Een serveerster stoot per ongeluk een glas drinken om, waarop één van de mannen uit zijn slof schiet en haar de huid vol scheldt. “Ik keek naar hem. Zijn ogen waren verlicht, de pupillen waren streepjes. Het waren slangenogen! Ik zag de duivel in die ogen en schrok me wezenloos. Een andere collega zag het ook. Ik vertrok onmiddellijk. God liet mij zien dat de boze een realiteit is. Toch durfde ik mijn leven niet aan Hem over te geven.”

Goeie jongen

Ondertussen wordt ook Bennie niet met rust gelaten. Na zijn Afrika-reis gaat hij weer als vanouds aan het werk op de bouw: in 35 woningen moet hij de badkamers betegelen. Hij is nog niet begonnen, of er komt een man binnenwandelen met de mededeling dat hij een ligbad komt plaatsen.
“Dat is niet de bedoeling”, roept Schuurman, “dit zijn eenvoudige badkamers zonder bad.” Dan zegt de man: “Ik wil even met je praten. Ben je op vakantie geweest?”
“Ja, op wintersport en ieder jaar gaan we naar Italië”, antwoordt Bennie, lichtelijk bevreemd. “Nee, ik bedoel Zuid-Afrika. Jullie hebben daar mooie dingen meegemaakt. Ik was erbij. Herinner je je die beveiligingsman nog?” Ja, natuurlijk herinnert Bennie zich hem.
“Dat was ik”, zegt de man. “Ik heb jullie veilig naar het hotel teruggebracht. Die danser? Was ik ook. En jij”, zegt hij tegen de verbijsterde tegelzetter, “jij bent een goeie jongen.”

Bennie: “Ik had nog nooit zulke ogen gezien, zo liefdevol”

Bennie: “Mijn hart ging tekeer! De man kon me dingen vertellen over mijn schoonmoeder, mijn vader, mijn vrouw. Over wat er zou gaan gebeuren. Ik zou bijvoorbeeld stoppen met mijn bruiloftsband. Aan het eind van het gesprek wilde hij voor me bidden. We liepen naar de zolder. Hij bad zo mooi voor me, ik zat te janken als een klein kind. ‘Als je zo meteen de trap afloopt, krijg je een gevoel zoals je nooit eerder ervaren hebt’, zei hij. En inderdaad, halverwege de trap kon ik niet verder. Het was of er emmers waters door me heen spoelden. Alsof de Heilige Geest over me kwam. De man keek me aan en zei: ‘Je kijkt in de ogen van God. Je zult me weerzien.’ Ik had nooit zulke ogen gezien, zo liefdevol. Toen ging hij weg.”

Dan komt de uitvoerder langs. “Ik vroeg: Heb je die man gezien? Maar nee, de uitvoerder had niemand gezien. Op mijn horloge zag ik dat we wel vier, vijf uur hadden gepraat. Ongestoord. Dat is echt heel bijzonder, want op de bouw is het altijd een drukte van belang. Maar wij hadden in alle rust kunnen praten. Ik was er zo beduusd van dat ik mijn gereedschap liet liggen en met vieze kleren in de auto ben gestapt. Ik ben meteen naar mijn vrouw gegaan.”

Engel

Bennie ziet de man – volgens hem een engel – later nog eens op vakantie in Italië. Hij staat voor hem in de rij bij de kampwinkel. “De man draaide zich om, wees naar me en stak zijn duim in de lucht. Ineens was hij weer weg. Ik liet mijn boodschappen vallen en kwam met lege handen terug bij de caravan.” Pas veel later, de vakantie is dan al lang voorbij, vertelt Bennie aan Eric wat hem op de bouw is overkomen. Ze zijn dan met hun gezinnen uit eten. De kinderen vermaken zichzelf, de mannen praten. Het is een lang gesprek, maar geen enkele keer worden ze gestoord door de kinderen of door bedienend personeel.
“Het was alsof God door Bennie tot mij sprak”, herinnert Eric zich. “Thuis ben ik op mijn knieën gegaan en de Heilige Geest kwam over me heen. Dat is het mooiste wat je kunt ervaren. Ik stond in vuur en vlam.”

Het leven van Eric en Bennie is de afgelopen jaren fiks veranderd. Bennies top 40 band is zoals was voorzegd een gospelband geworden. “In één week tijd hadden we de nieuwe band geformeerd!” Eric kwam op een punt dat hij met zijn bakkerszaak wilde stoppen. “Geld verdienen interesseerde mij niet meer. Maar God liet mij weten dat ik gewoon door moest gaan. En er gebeuren mooie dingen. We zijn bijvoorbeeld begonnen met maandelijkse bidstonden in het bedrijf, waaraan ook verschillende medewerkers meedoen!”
En hoe gaat het in Zuid-Afrika? Eric: “De stenenbusiness heeft even stil gelegen, maar we zijn wel van plan dit project weer op te pakken. Ook zetten we in arme landen bakkerijen op. Inmiddels zijn er vijf in Armenië en drie in Zuid-Afrika. Aan de vierde wordt gewerkt…”

En o ja, in het jaar Onzes Heeren 2006 werd bakker Van Otten uit Enter uitgeroepen tot de beste bakker van Nederland. God heeft kennelijk toppersoneel aan het werk.

Ygerne ten Brinke, Bertine ten Brinke, Alinda van Ginkel
reveilmeiden@maandbladreveil.nl

Bijzondere bakker
Pattissier en brood-specialist Van Otten:
Nederlands beste brood- en banketbakkerij: in 2005 2e en in 2006 1e plaats
Aangesloten bij het gilde Heerlijk & Heerlijk, de beste banketbakkers uit Nederland
Eerste bakkerij in Nederland die het HACCP-hygiëne certificaat haalde.
Alle vier vestigingen mogen het bord ‘Bakker met 2 sterren’ op de voorgevel dragen (verkiezing van het Nederlands Bakkerij Centrum) Zie ook:
www.vanotten.nl

Bijzondere tegelzetter
Bennies top 40 band is een gospelband geworden. Uitnodigen?
Meer info

Categorieën: Artikelen