Moeder en dochter: Clara en Lea Sies

In deze rubriek spreken we met een ouder en een kind over traditie, kwetsbaarheid, ballast en houvast. Dit keer ontmoeten we Clara Sies, in 2002 oprichtster van de Voedselbank Rotterdam en haar vijfentwintigjarige dochter Lea.

Traditie

Wat heb je meegekregen en wat wilde je doorgeven aan je kinderen?
Clara: “Ik groeide op in een ander nest dan de meeste christenen: in een Joods gezin in Amsterdam. Het Joodse leven staat bol van de tradities en gewoonten. Ik ben als 17-jarige christen geworden. Toen ik later kinderen kreeg, werd het een zoektocht wat ik wilde overdragen. Om te beginnen: geen Pasen zonder een grote doos matzes. Die horen er helemaal bij. Maar ik wilde mijn kinderen niet overgieten met tradities, ik schopte er zelfs een beetje tegenaan. Als mijn man opmerkte dat onze zoon niet netjes gekleed naar de kerk ging, zei ik: het is mij liever dát hij gaat, dan dat hij zondagse kleren aan heeft.” Lea onderbreekt haar moeder: “Dodenherdenking heb je ons nadrukkelijk meegegeven!” Clara stemt in “Wat goed dat we dit gesprek samen doen, je hebt helemaal gelijk. Ja, 4 mei… Mijn ouders zijn hun hele familie kwijtgeraakt. In Amsterdam, waar we woonden, zette mijn moeder de serredeuren open als het tegen achten liep. Je hoorde dan de hele stad stilvallen. Compleet stil. Indrukwekkend. De familieleden die mijn ouders misten, had ik nooit gekend, maar ik voelde de zware lading bij hen, en dat draag je mee het leven door. Pas een paar jaar geleden heb ik het concentratiekamp bezocht waar mijn grootouders het leven lieten. Toen was het rond, ik heb er op mijn manier een ritueel aan verbonden… Wat gebeurd is, mag nooit in de vergetelheid raken, alsof het er allemaal niet is geweest.” Lea: “Ik was dit jaar voor het eerst bij de nationale herdenking op de Dam, heel indrukwekkend. De actie ‘geen 4 mei voor mij’ die dit jaar rondging, is in ons gezin volkomen ondenkbaar!”

Dochter Lea Sies: “Ik dacht vaak ‘rot op met die hele voedselbank!’”

Wat heb je meegekregen?
Lea: “Met Kerst en Pasen zingen in het ziekenhuis. In het Zuiderziekenhuis en in de Daniël den Hoed Kliniek. Zulke goede herinneringen. Ere zij God, U zij de glorie, terwijl de patiënten vanuit hun bed luisterden. Daarnaast dingen als koekjes bakken en spelletjes doen op zondag. Uitgebreid samen eten, daar houden we heel erg van. Nadat we op zaterdag alleen brood hadden gegeten, trouwens. Naar de kerk gingen we niet elke zondag, ik ben niet zo traditioneel opgevoed.”

Kwetsbaarheid

Kun je je een moment herinneren waarop je je heel kwetsbaar hebt gevoeld?
Clara: “Sjaak en ik hebben een lastige fase gehad, waarin we het niet meer uithielden samen. Ik voelde me toen heel kwetsbaar. Ten opzichte van mezelf, mijn man, de kinderen, God. Ik was echt de weg kwijt en twijfelde aan alles. Het voelde als falen. Lastig ook om te bepalen wat je aan je kinderen uitlegt en wat niet. Sjaak en ik zijn met het Riagg een intensief traject ingegaan. We zijn er gelukkig stukken beter uitgekomen met z’n allen…” “Vertel eens van die kerstmarkt,” onderbreekt Lea haar. Verrast kijkt Clara op. “Ja, die kerstmarkt… Onze nare periode behaalde een dieptepunt in het jaar voordat we 40 jaar getrouwd zouden zijn. Juist voor die datum bleken we onze huwelijksverjaardag tóch te kunnen vieren samen, maar wel heel voorzichtig en kwetsbaar. Sjaak had een restaurantje in Gouda besproken en we liepen nog wat over de kerstmarkt op het plein. Op een kraam van een evangelische gemeente lag een mand met opgerolde briefjes met teksten. Sjaak pakte er eentje, maakte het open – en las onze trouwtekst. ‘Ken Hem in al uw wegen, dan zal Hij uw paden recht maken.’ Ik krijg nog kippenvel als ik aan dat moment denk. Een half jaar later is ons huwelijk opnieuw ingezegend door een bevriende voorganger en nu zijn we onderweg naar 45 jaar…”

Moeder Clara Sies: “Dat gevoel dat er wel van me gehouden wordt, maar…

Wanneer kwam je erachter dat je moeder ook maar een gewoon mens is?
Lea: “Dan denk ik aan diezelfde periode. Het was toen echt niet gezellig thuis. Mijn zus en ik besloten op onszelf te gaan wonen. Hoe ernstig het was, wisten we niet, we waren niet gewend om te praten over dingen die niet goed gingen. Als kinderen waren we bezig met allerlei verrassingen voor het 40-jarig jubileum. Een van ons had net hun slaapkamer met 40 ballonnen gevuld, toen een ander belde en waarschuwde: Oei, niet zo’n goed idee, haal ze gauw weg. Ik hoor net dat het helemaal niet goed gaat tussen onze ouders…”

Houvast

Wat geeft je houvast? En hoe?
Lea: “Toen we deze vraag lazen, dachten we: dat is nou echt zo’n christelijke vraag waarop het antwoord ‘geloof’ of ‘God’ of ‘Jezus’ moet zijn. Nee? Dan noem ik graag al die mensen die te midden van allerlei narigheid blijven opstaan om de wereld een beetje mooier te maken. Free hugs bijvoorbeeld. Of iemand op een krukje laten staan en applaus vragen voor die persoon. De Peace Penguins* passen hier ook mooi bij.”

Clara: “Over het algemeen ben ik optimistisch en vol Godsvertrouwen. Natuurlijk geeft geloof houvast, en ook als ik naar onze kinderen en kleinkinderen kijk, stemt dat me hoopvol. Daarnaast sociaal bezig zijn, druk met allerlei positieve dingen…”

Lea: “De kerk is voor mij ook een plaats van houvast. Je wordt er opgebouwd, er zijn mensen op wie je kunt terugvallen.” Clara: “Voor mij is de kerk wat dat betreft minder belangrijk.” Moeder en dochter bezoeken niet dezelfde kerk. Ze praten wat over de symboliek van een geloofsgemeenschap als evenwichtsbalk of een groot speelveld. Er zijn weliswaar grenzen, maar ook als je daar overheen raakt, zal God je opvangen. Hoe wijd de speelruimte reikt, dat is persoonlijk. Een wijntje is voor een alcoholist een grote verleiding, voor een ander ligt dat niet zo zwaar. Die speelruimte maakt dat je niet oordeelt. Lea: “God is een liefdevolle Vader van wie je opnieuw mag beginnen!”

Clara:“Ik was echt de weg kwijt en twijfelde aan alles”

Ballast

Wat heb je als ballast ervaren in je opvoeding?
Clara: “De geschiedenis van mijn ouders is ernstig beschadigd door de oorlog. Ze konden niet samen verder en scheidden, en mijn moeder kon het gezinsleven als alleenstaande moeder niet aan – veel huilen, depressiviteit. Als kind snapte ik daar niks van. Al jong moest ik zelf zien te overleven, knokkend voor zelfbehoud. Ik werd uit huis geplaatst. Voelde me niet gewild en verlaten. Als er een leidster was met wie ik een band kreeg, dan vond die weer een andere baan en vertrok ze. Dat gevoel dat er wel van me gehouden werd, maar tot een bepaald punt. Of dat nu door Sjaak was, of door God, het bleef lang bij me hangen. Wel tot ik een jaar of 35, 40 was. De ballast die ik met me meezeulde liet een hulpverlener me zien als een halfvol glas. Hoe zwaar weegt zo’n glas, was haar vraag. Het feitelijke gewicht maakt niet uit, het hangt ervan af hoe lang je het moet vasthouden… De enige remedie is loslaten. Ik mag er zijn!”

Lea: “De Voedselbank! Toen die begon was ik elf en begon ik net aan de middelbare school. Maar aandacht voor mij was er nauwelijks, alle energie ging naar die Voedselbank. Alle gesprekken, alle telefoontjes. Ik twijfelde of ik daarover mocht zeuren, want mijn ouders deden er heel goed werk mee, maar ik dacht vaak ‘rot op met die hele Voedselbank!’” Clara: “Gelukkig waren er twee zussen die moederden. Toen ik besefte hoe ik Lea tekort heb gedaan, vond ik dat heel erg.” Lea: “De Voedselbank werd een deel van mijn identiteit, want waar ik ook kwam, vroegen mensen ernaar.”

Die tijd is voorbij. Clara en Lea zijn gelukkig met de band die ze nu hebben. Niet alleen zij samen, ook de andere gezinsleden en aanhang waarderen elkaar erg. Clara en Sjaak boffen dat alle uitgevlogen kinderen net als zij ‘op Zuid’ wonen, de verste op tien minuten rijden. Volop gelegenheid om in elkaars leven te delen – en dat doen ze!

* De Peace Penguins organiseren feestjes van vrede en waardering en zetten zich in om ‘de ander’ te laten zien dat hij waardevol is.

Joke Veerman
jokeveerman@maandbladreveil.nl

Lea Sies (1991) studeert CMV (Culturele en Maatschappelijke Vorming) in Rotterdam, is jeugdleider, vrijwilliger bij Youth for Christ, projectmanager van PeacePenguins en projectmedewerker van stichting Lokaal, een initiatief van de politieke partijen in Rotterdam met als doel de afstand tussen Rotterdammers en de gemeentepolitiek te verkleinen.

Clara Sies (1952) kreeg in 2002 landelijke bekendheid toen zij en haar man Sjaak begonnen met de eerste Voedselbank in Rotterdam. Tegenwoordig een grote en nog steeds onmisbare organisatie met vele plaatselijke afdelingen. In 2013 nam het echtpaar afscheid van de Voedselbank. Sjaak en Clara hebben een zoon, vier dochters en acht kleinkinderen, de jongste geboren in het voorjaar van 2016, de oudste is 19.

Categorieën: Interviews