Vrienden voor het leven

Jezus mag van hem terugkomen, liever vandaag dan morgen. Dan komt er een eind aan alle aardse “gedoe”. Pieter Dekker weet waar hij het over heeft. Als gereformeerd dorpspredikant ziet hij veel leed. En voor hem ging het leven – als homoseksueel – ook niet over rozen.

Met een vrolijke zwaai nodigt hij mij binnen op deze koude, zeer vroege maandagmorgen in de week voorafgaande aan kerst. In de aangenaam warme keuken schenkt hij een kop koffie in. In een heus kerstkopje, zie ik, maar met een niet bijpassend huis-tuin-en-keuken melkkannetje. Da’s nou jammer, maar Pieter Dekker (59) kan er niet van wakker liggen; dat is de afdeling van vriend Johan, met wie hij al meer dan twintig jaar lief en leed deelt. Ze zijn wat je noemt een gelovig stel – monogaam, voor altijd samen in liefde en trouw. “Noem het een vriendschapsrelatie”, zegt Pieter. “Nee, geen huwelijk, dat lijkt mij voorbehouden aan man en vrouw.”

Gereformeerd

Maar voor het zover was, had Pieter een lange weg te gaan. Hij geeft een korte schets van het milieu waaruit hij afkomstig is: een gereformeerde familie, oorspronkelijk uit Andijk. “Toen ik een kind was, leek hervormd-zijn al haast verdacht voor sommige van mijn ooms en tantes. Kun je nagaan wat een ophef het gaf toen een neef ging samenwonen met een vriend en daarover verslag deed in een tv-programma van de VARA. Over mijn eigen homoseksuele gevoelens zou ik daarom nooit iets loslaten. Dat nam ik mij heilig voor in die tijd.”

“Mijn vader was ook predikant. Ik was dertien toen hij overleed aan een nierziekte. Hij had het vaak over de nieuwe hemel en de nieuwe aarde. Ik denk dat ik wel begrijp waarom. In de wederopstanding zal alles goed zijn. Geen nierziekte meer. Geen gebrek. Een einde aan alle tranen en aan al het aardse gedoe. Een volmaakt lichaam. Ja, ook van mij mag Jezus snel terugkomen, al ben ik daar niet dagelijks mee bezig.”

Handicap

Door de zonde van de eerste mensen, het verraad van Adam en Eva, kwam er een einde aan de paradijselijke volmaaktheid die God op het oog had voor Zijn schepping. “Daar is alle ellende in de wereld op terug te voeren”, vindt Pieter. “Het schitterende begin was in één keer teniet gedaan. Het gevolg was ziekte, kapotte huwelijken, gebrokenheid. Een smet die voor altijd op alle mensen rust. Door de erfzonde dus. En ja, ook homoseksualiteit is daarvan het gevolg. Het is een handicap waar je niet voor kiest, ik niet althans. In de periode dat je er mee worstelt is het een stille handicap, die erg eenzaam maakt. Je kampt met een dubbel gevoelsleven.”

In de wederopstanding zullen we geen huwelijken meer kennen

Zelf heeft Pieter zijn gevoelens pas langzamerhand leren duiden, hij studeerde toen al theologie, eerst in Amsterdam aan de VU, later in Amerika aan het Calvin College in Michigan. “Als kind merkte ik niet zo sterk dat ik anders was. Of het zou die keer op de lagere school moeten zijn dat er een nieuwe jongen bij ons in de klas kwam. Hij was groter dan ik, wat ik leuk vond, want ik was zelf altijd de grootste van de klas. En ook zag ik weleens een jongen die ik knap vond. Ook op de middelbare school kon ik er makkelijk overheen leven. Ik zat op korfbal en deed overal gewoon aan mee. Ik heb zelfs een jaar verkering gehad met een heel leuk meisje, maar het voelde voor mij meer als een broer-zusverhouding.”

Zonder vrouw

Pas in zijn studietijd werd het voor Pieter problematisch. “Toen ik bijna afgestudeerd was, vond ik dat ik wel eens aan de vrouw moest. Als vrijgezel in een pastorie was niet mijn ideaal. Ik was echt van het huisje-boompjebeestje. Maar ik had wel eens van die dromen over mannen en daarvan wist ik: dit is foute boel. Ik heb in die jaren steeds gebeden of God me van deze gevoelens af wilde helpen, maar zonder resultaat. Uiteraard hoorde niemand van mij iets over mijn dubbele gevoelsleven. In mijn eerste gemeente kreeg ik diverse meisjes bijna op een presenteerblaadje aangeboden, met de beste bedoelingen uiteraard. Maar ik moest het doen zonder vrouw. Op mijn drieëndertigste heb ik het mijn broers en zus verteld. Mijn moeder was toen al overleden. Voor hen was het gelukkig geen probleem. Tijden veranderen. Ook heeft het in de gemeentes waar ik predikant was nooit grote problemen opgeleverd en het heeft me ook nooit belemmerd in de uitoefening van mijn ambt.”

Een man

En toen kwam Johan in zijn leven, een jongen uit een hervormd gereformeerde bondsmilieu. Ze ontmoetten elkaar op een gesprekgroep voor christelijke homo’s en werden vrienden voor het leven. “Ik heb me in eerste instantie ernstig afgevraagd: wat wil God nou van me? Is dit een verzoeking? Een beproeving? Of wil Hij niet dat ik voor de rest van mijn leven alleen blijf? Kijk, het leven bestaat uit het maken van keuzes. De grote vraag bij alles wat je doet, moet zijn: neem ik deze beslissing voor Gods aangezicht? Ik heb voor Johan gekozen en hij voor mij. Dat hebben we inderdaad gedaan voor Gods aangezicht. Laat God mij maar oordelen; ieder zal zich zelf moeten verantwoorden.”

Doemwaardig

Waar de Bijbel over homoseksualiteit spreekt, is dat nooit in positieve zin. Moeten we de Bijbel daarin niet respecteren? “Er staat een heleboel in de Bijbel, maar er staat ook een heleboel niet. Waar lees je bijvoorbeeld iets over verstandelijk gehandicapten? Bestonden die toen niet? Of transgenders? Er bestaan veel verschillende christelijke visies over homoseksualiteit, die alle op verschillende manieren de Bijbel als uitgangspunt hebben. Dat verschillende bijbelgebruik – trouwens niet alleen over homoseksualiteit – komt de eenheid niet ten goede; ook dat is een gevolg van de zondeval. In Romeinen 2 lezen we duidelijk dat je een ander niet mag veroordelen. Wij zijn allemaal mensen, doen allemaal verkeerde dingen en proberen allemaal God te dienen op onze eigen manier. Lees ook Psalm 14 en 53 maar eens. God kijkt op de mensen neer en vindt er niet één die goed is. De hele wereld is doemwaardig, maar de een niet meer dan de ander. En allen zijn we afhankelijk van God.

Als homojongeren zich melden in de kerk, maak het dan niet groter dan het is. Straal uit dat we allemaal op de een of andere manier lijden onder dezelfde gebrokenheid.

In de Bijbel gaat het steeds over mensen die zelf wel zullen bepalen wat ze doen. Ook in de passages waar homoseksualiteit aan de orde is. Daarbij gaat het vooral om uitingen van afgoderij. Getrouwde mannen, familiehoofden, zoals de mannen in Sodom. Genesis vermeldt uitdrukkelijk: de mannen van de stad, van jong tot oud, de gehele bevolking, niemand uitgezonderd, verbraken de geldende wetten van de gastvrijheid. Zouden alle mannen van Sodom dan homo zijn geweest? Met z’n allen schonden ze het gastrecht. Zulk gedrag veroordeelt de Bijbel, ook in Romeinen. Vrouwen keerden zich af van God door dingen te doen die niet bij hun (heteroseksuele) natuur pasten; (heteroseksuele) mannen meenden godsdienstige plichten te vervullen met knapenschenderij en tempelprostitutie; ze kozen welbewust voor wetteloosheid en afgoderij en daar is God tegen.

Heel iets anders is homoseksualtiteit als ontwikkelingsstoornis, waarbij niks te kiezen valt. Daarover staat niets in de Bijbel. Men zegt wel, dat één op de twintig mensen hieraan lijdt. Denk je echt dat die zich allemaal thuis zouden voelen in Sodom en Gomorra? Of bij de Gay pride? Of dat die zichzelf allemaal op de kaart willen zetten zoals het COC propageert?”

Coming-out

Pieter maakte van zijn coming-out niet al te veel ophef. Hoe kijkt hij daar nu op terug en wat raadt hij anderen aan? “Tja, tegenwoordig gaat dat anders. Van mij is het alweer vijfentwintig jaar geleden. Tijden veranderen nu eenmaal. Maar ik zou zeggen, maak het niet te groot. Neem een clubje mensen in vertrouwen die het weten moeten, zoals je familie. Daar ontkom je niet aan, maar wat hebben anderen hier verder mee nodig? En als homojongeren zich melden in de kerk, maak het ook dan niet groter dan het is. Straal uit dat we allemaal op een andere manier lijden onder dezelfde gebrokenheid. Zoiets van: daar zitten we dan met z’n allen als een stelletje ongeregeld voor Gods aangezicht. En help iemand met een hulpvraag keuzes te maken en daarbij naar Gods wil te vragen. Iemand moet zichzelf niet in de eerste plaats afvragen ‘mag dit?’ maar ‘houdt dit mij bij God weg?’ Wat hij uiteindelijk kiest, is zijn verantwoordelijkheid en daar hoeven anderen niets van te vinden.”

Huwelijk

Het verlangen naar een medemens is een scheppingsgegeven. God kwam tot de conclusie dat het niet goed is dat een mens alleen is. Pieter en Johan kozen voor een leven met elkaar, maar niet voor het huwelijk. Waarom eigenlijk niet? “Man en vrouw samen vormen een beeld van de Allerhoogste. Zoals we lezen spatte die tweeeenheid uit elkaar door de zondeval en door de hele Bijbel heen zie je hoe God Zich een weg baant naar herstel. Want ook het huwelijk, het paradijselijke huwelijk van vóór de zondeval, bestaat niet meer. In de wederopstanding zullen we niet eens meer huwelijken kennen, in de zin van zoals wij die nu beleven. We zullen allen dienende geesten zijn, in Christus telt niet het man en vrouw zijn, maar het samen beelddragers van God zijn. En dan is nog maar één ding van belang: het grote weerzien van God met de mensen.”

Willemke Wieringa
willemkewieringa@maandbladreveil.nl

Seksuele identiteit en diversiteit

In de afgelopen decennia verplaatste het homostandpunt onder christenen zich van ‘homoseksualiteit is zonde’ (moet dus afgewezen worden), via ‘homoseksualiteit is een ziekte of geestelijke gebondenheid’ (daar is genezing / bevrijding voor) naar ‘homoseksualiteit is een geaardheid’ (je kunt er niks aan doen). Tegenwoordig horen we steeds vaker dat men niet weet wat de herkomst is van homoseksualiteit. Ook spreekt men wel van homoseksuele identiteit. De filosoof en voorvechter van homorechten Arno Bouwes pleit ervoor in het publieke debat onderscheid te maken tussen seksualiteit als identiteit (dat wat je bent) en seksualiteit als handeling (dat wat je doet). Identiteit is een statisch begrip. Door te zeggen ‘ik ben homo’ of ‘ik ben bi’ leg je jezelf vast, terwijl dat later weer kan veranderen. Bij seks als handeling gaat het slechts om wat je doet en je bent niet wat je doet. Een homo van tachtig die uit de kast komt maar geen seks heeft en altijd als hetero geleefd heeft, mag zich best homo noemen; iemand die ooit homoseksuele contacten heeft gehad, hoeft niet zijn hele leven het etiket homo opgeplakt te krijgen. Aldus Bouwes (Brainwash Zomerradio, augustus 2016).

Reageren?

Zowel uit seculiere als uit christelijke hoek komen dus geluiden dat men een keuze heeft en dat (homo)seksueel gedrag niet onontkoombaar hoeft te zijn, maar een van de opties is. Is dat werkelijk zo? En wat vindt u? Mail ons uw reactie. In een vorig interview (Reveil nov 2016) kwam Robert aan het woord. Hij koos ervoor om zich niet als homoseksueel te gedragen. In dit nummer vertelt de samenwonende homoseksuele predikant Pieter Dekker zijn verhaal. Ook wordt steeds meer bekend over seksuele diversiteit. Kortweg LHBTI: lesbo’s, homo’s, biseksuelen, transgenders en interseksuelen. Hoe ga je hier als gelovige LHBTI’er mee om? En hoe kunnen wij als christenen deze verscheidenheid zien? Ook daarover horen we graag van u. U kunt uw reactie mailen naar willemkewieringa@maandbladreveil.nl

Categorieën: Interviews