Zonde van de moeite

Vele jaren van ons leven brengen we door op school. We studeren, volgen cursussen, lezen, luisteren, communiceren en volgen actualiteiten op tv. Praktisch ons hele leven lang zijn we bezig met het vergaren van kennis.

De afgelopen tweehonderd jaar heeft kennis een steeds belangrijkere plaats ingenomen. Tot 1870 gold Nederland als een agrarische samenleving. De belangrijkste bronnen van inkomsten waren landbouw of veeteelt. Tussen 1850 en 1890 namen de technologische ontwikkelingen echter een snelle vaart, waardoor steeds meer mensen werk vonden in fabrieken. Tegen 1890 had Nederland zich ontwikkeld tot een overwegend indus­triële samenleving. In de afgelopen decennia hebben er opnieuw belangrijke verschuivingen plaatsgevonden. Doordat steeds meer producten goedkoop uit het buitenland konden worden geïmporteerd, verschoof het accent naar de dienstensector. Kennis werd hierdoor één van de belangrijkste productiefactoren van Nederland. De juiste kennis maakt namelijk heel wat mogelijk: productinnovatie, marketing, informatietechnologie, levensmiddelentechnologie, etcetera.

CITO versus sociale vorming

Eén van de belangrijkste pijlers van een dergelijke kenniseconomie zijn scholing en opleiding. Het accent ligt daarbij sterk op de cognitieve ontwikkeling. Die wordt uitgebreid getoetst aan de hand van door de overheid opgestelde leerdoelen. Steeds meer scholen worstelen echter met de vraag waar ze hun aandacht aan moeten besteden: aan de kennisvorming en de CITO-toetsen, of toch wat meer aan de sociale en emotionele vorming? Want wat is kennis zonder karakter eigenlijk waard?

Volgens de Indiase politicus Mahatma Ghandi (1869 – 1948) valt van de combinatie kennis zonder karakter niet veel goeds te verwachten. Hij gaf het een plaats op zijn lijstje van zeven dodelijke sociale zonden.
De Amerikaanse schrijver en managementconsultant Stephen Covey is het daar roerend mee eens. Hij wijdde in zijn boek ‘The seven habits of highly effective people’ een hoofdstuk aan de zeven dodelijke sociale zonden. Daarin schrijft hij: “Zo gevaarlijk als te weinig kennis is, zoveel gevaarlijker is veel kennis zonder een sterk, principieel karakter. Pure intellectuele ontwikkeling zonder evenredige karakterontwikkeling is net zo zinloos als een supersnelle sportauto in handen geven van een tiener die high is. Helaas is dat maar al te vaak wat we doen in de academische wereld door ons niet te focussen op de karakterontwikkeling van jonge mensen.”

Gebrek aan integriteit

Kennis is belangrijk, maar zonder karakter brengt het dus de nodige problemen met zich mee. Computerkennis kun je gebruiken om ingenieuze systemen te bouwen, maar ook om te hacken. Wetenschappelijke kennis kun je gebruiken om medicijnen te ontwikkelen, maar ook om massavernietigingswapens te maken. Geestelijke en wetenschappelijke kennis kun je gebruiken om God te eren, maar net zo goed om jezelf boven Hem te verheffen. En wat als het de meest machtige en intelligente mensen ontbreekt aan integriteit? Niet zelden confronteren de kranten ons met de ernstige gevolgen.
Salomo’s droom
In het Bijbelboek 2 Kronieken zien we hoe de jonge koning Salomo zich voor de immense opdracht geplaatst zag om een volk, zo groot dat het praktisch ontelbaar was, te leiden. Salomo voelde zich tekort schieten in wijsheid. Op een goede nacht kreeg hij plotseling een wel heel bijzondere droom. God verscheen aan hem en stelde hem een vraag. ‘Vraag wat je wilt en Ik zal het je geven.’
Nu had Salomo van alles kunnen vragen. Maar het enige wat hij vroeg was een opmerkzame geest en het vermogen om onderscheid te kunnen maken tussen goed en kwaad. “Want hoe zou ik anders recht kunnen spreken over dit immense volk van u?”
God willigde die vraag met blijdschap in. En dat niet alleen: Salomo kreeg nog veel meer dan hij gevraagd had. Hij werd niet alleen gezegend met een legendarische wijsheid, maar ook nog eens met een overweldigende rijkdom, roem en eer. Salomo’s hart lag niet bij zijn eigen pleziertjes, maar bij het volk dat hij moest gaan leiden. Aan zo iemand kon God een overweldigende hoeveelheid wijsheid toevertrouwen.

Eredienst aan eigen ego

Een ander uiterste dat we in de Bijbel terugvinden zijn de schriftgeleerden en de Farizeeërs. In de evangeliën van Matteüs en Lucas trekt Jezus tegen hen van leer in niet mis te verstane bewoording. Zijn verwijt aan hen is, dat terwijl hun hoofden en monden overlopen van geestelijke kennis, hun hart daar mijlenver van is verwijderd. Deze mensen brachten anderen een boodschap waar zij zelf niet naar wensten te leven. Sterker nog: zij aarzelden niet om andere mensen de zwaarste lasten op te leggen, maar zelf vertikten zij het om ook maar één vinger uit te steken. Al hun godsdienst en kennis stelden bitter weinig voor. Het was niets meer dan een eredienst aan het eigen ego.

Prachtige dingen

Paulus zegt in 1 Korintiërs 8:1-3: “De kennis maakt opgeblazen, maar de liefde bouwt op. En als iemand denkt iets te weten, dan heeft hij nog niets leren kennen zoals men het behoort te kennen. Maar als iemand God liefheeft, is hij door Hem gekend.” Onvolkomen is ons kennen en onvolkomen is ons weten. De wet van Mozes werkt als een spiegel waarin mensen hun eigen zonden zien. Hoe meer kennis Thorageleerden hierover opdeden, hoe groter de confrontatie was met hun eigen onvolkomenheden. Zo leidt ook zelfkennis dikwijls tot een groter inzicht in de eigen valkuilen en zwakheden. En hoe meer we te weten komen over ernstige ziekten, hoe meer oog we krijgen voor de gebrokenheid van de schepping. In plaats van de juiste oplossingen te vinden, moeten we dikwijls onze eigen machteloosheid onder ogen zien. Toch is het alle moeite waard om het te blijven proberen. Kennis of onderwijs zonder liefde, dat is zonde van de moeite. Maar er schuilt ook iets heel goeds in kennis, die is de mens niet voor niets gegeven. Hij is in staat om er prachtige dingen mee te doen.

Kelly van Nimwegen-Keasberry
kellyvannimwegen@maandbladreveil.nl

Categorieën: Geen categorie