Franciscus en Franciscus

Toen Jorge Mario Bergoglio werd aangesteld als de 266e paus van de Katholieke Kerk, koos hij voor de naam Franciscus. Naar eigen zeggen als eerbetoon aan de heilige Franciscus van Assisi, die hij bewondert. Maar evenzeer is het denkbaar dat de nieuwe paus zichzelf een goede stok achter de deur wilde meegeven.

Francesco Bernardone kwam ter wereld in ca. 1181 in de Italiaanse streek Umbrië. Zijn vader was een gefortuneerde textielhandelaar. De jonge Franciscus echter droomde van een ridderlijk bestaan. In 1201 zag hij zijn kans schoon: dapper wierp hij zich in een oorlog tegen de stad Perugia. Het avontuur eindigde pijnlijk: als krijgsgevangene belandde hij in een kerker. Nadat zijn vader hem had vrijgekocht, keerde Franciscus terug naar Assisi. Ziek, depressief en gedesillusioneerd.

Alter Christus

Het leek een droom in duigen. Maar Franciscus had wel degelijk het hart van een strijder. De ommekeer vond plaats in 1206. In een vervallen kerkje in San Damiano werd Franciscus getroffen door een visioen. Vanaf een kruisbeeld hoorde hij Christus tot zich spreken: ‘Herstel mijn kerk’. Enthousiast begon Franciscus aan de restauratie van het kerkje in de overtuiging dat de boodschap letterlijk moest worden opgevat. Wat hij toen echter nog niet kon weten, was dat hij ooit de geschiedenisboeken in zou gaan als de grondlegger van één van de belangrijkste kerkelijke vernieuwingsbewegingen.

 

Er volgde een tijd van vreugde en verdriet. Vreugde om zijn roeping, en verdriet om het geleidelijk doordringende besef van zijn eigen zondigheid. Franciscus besloot boete te doen door af te zien van zijn erfdeel. Dit zette echter de relatie tussen vader en zoon ernstig onder druk. Vanaf die dag leidde de voormalige rijkeluiszoon een weerbarstig bestaan van armoede, boetvaardigheid en zelfopofferende naastenliefde. Overal waar hij kwam, verkondigde hij – in navolging van de apostel Paulus – het Evangelie. In Assisi kreeg hij al snel spotters tegenover zich. Maar juist alle tegenstand zette hem aan tot een doortastende moed. Franciscus kreeg al snel volgelingen, en binnen enkele jaren stichtte hij drie kloosterordes. Zijn radicale liefde voor God en Zijn schepping leverde hem ook wel de benaming ‘alter Christus’ op: een andere Christus.

Zij keerden zij zich af
van een kerk die baadde in weelde,
terwijl de armen nauwelijks
te eten hadden. In plaats daarvan wilden
zij terug naar de basis van het christelijk geloof.

Stigmata

Hoewel zijn biografie leest als een succesverhaal, kende Franciscus ook momenten van diepe eenzaamheid en aanvechting. Een geestelijke crisis bracht hem in 1224 op de berg La Verna in Toscane. Uitgerekend daar gebeurde een wonder: Franciscus ontving de vijf wondertekenen van Christus. Stigmata, in handen, voeten en zij. Wonden die ineens op kunnen treden bij christenen. Het lijkt tekenend voor zijn levensweg. Enerzijds drukten de stigmata een intense verbondenheid met Christus uit. Anderzijds waren het bloedende wonden.

Een lang leven bleek niet voor hem weggelegd. Ongeveer 45 jaar was Franciscus toen hij, omringd door zijn medebroeders, zijn laatste levensadem uitblies. Twee jaar na zijn dood werd hij heilig verklaard. Nog altijd is de St. Franciscusbasiliek in Assisi één van de meest bezochte bedevaartsoorden ter wereld, die onder het motto Pax et Bonum in het teken werd gesteld van wereldvrede.

Zeven eeuwen later: Paus Franciscus

Ruim zeven eeuwen later, op 17 december 1936, zag Jorge Mario Bergoglio het levenslicht in Buenos Aires. Hij was de zoon van Italiaanse ouders. Net als Franciscus van Assisi had ook hij niet direct een religieuze missie in gedachten toen hij opgroeide. Aanvankelijk studeerde Bergoglio chemische technologie, en aansluitend werkte hij enkele jaren als chemisch technicus.

Volgens de biografie El Jesuita door Sergio Rubín en Francesca Ambrogetti, veranderde zijn leven radicaal toen hij op zeventienjarige leeftijd begon met biechten. “Iets vreemds overkwam mij. Het was een verrassing, de verbijstering over een ontmoeting. Dit is de religieuze ervaring: de verbijstering over het ontmoeten van iemand die op jou gewacht heeft. God is degene die ons eerst zoekt.”

Enkele jaren later werd hij getroffen door een ernstige longontsteking, waardoor Bergoglio drie dagen lang tussen leven en dood zweefde.

Het waren wonderlijke gebeurtenissen, die hem naar het priesterseminarie leidden. Maar verleiding lag op de loer. Op een bruiloftsfeest ontmoette Bergoglio een meisje, van wier schoonheid hij ernstig in de ban raakte. Zodanig zelfs, dat hij een week lang niet kon bidden. Telkens als hij het probeerde, doemde haar beeltenis op voor zijn ogen. Bergoglio besefte dat hij moest kiezen. Naar wie ging zijn diepste liefde uit? Naar het meisje of naar God? Hij besloot het meisje te vergeten. Op 11 maart 1958 trad hij toe tot de orde der Jezuïeten, en in 1969 werd hij tot priester gewijd. Vanaf dat moment verliep zijn weg voorspoedig. In 1998 werd hij aartsbisschop; in 2001 kardinaal en twaalf jaar later – op 13 maart 2013 – uiteindelijk paus, waarbij hij de naam Franciscus aannam. Naar eigen zeggen uit eerbetoon, maar wellicht ook wegens een gevoel van verwantschap. Vaticaankenner Gerard O’Connell zegt over paus Franciscus: “Dit is een man die naar de krottendorpen gaat en met de mensen kookt.”

Bruid van de Heer

Het hart van paus Franciscus lijkt al even strijdbaar als dat van zijn heilig verklaarde naamgenoot. Vol passie verzet hij zich tegen onrecht en de marginalisering van bepaalde groepen. Soms in niet mis te verstane bewoordingen. Zo veroordeelde hij de ‘culturele tolerantie van kindermishandeling’ en het ‘wegwerpen van de ouderen’. In zijn homilie benadrukte hij dat ‘als we Jezus Christus niet belijden, er dingen misgaan. We worden wellicht een liefdadigheidsorganisatie, maar niet de Kerk, de bruid van de Heer.’

Reformatie

Het is alweer vier eeuwen geleden dat de Reformatie uitmondde in de afscheiding tussen katholieken en protestanten. Reformatoren als Luther, Calvijn en de bijbelse humanist Erasmus werden gedreven door een diepgeworteld verlangen naar rechtvaardigheid. Zij keerden zich af van een kerk die baadde in weelde, terwijl de armen nauwelijks te eten hadden. In plaats daarvan wilden zij terug naar de basis van het christelijk geloof, en meenden zij dat het Woord van God voor iedereen toegankelijk moest zijn. Hoewel de Reformatie veel goeds voortbracht, ontstond er ook verdeeldheid. Tot in de jaren ’50 van de twintigste eeuw hadden zowel katholieken als protestanten hun eigen bakkers, groentezaken en scholen, en leefden hun kinderen in gescheiden werelden. Toch miste de Reformatie ook in katholieke kringen haar effect niet.

Kleurrijke kaarsjes

Maar dat is het verleden. Nog maar kort geleden woonde ik een oecumenische dienst bij. Nergens stonden beelden, maar wel was er een orgel en hing er een kruis. Net als thuis. De zaal was zo afgeladen, dat het leek alsof het om een uitverkochte musical ging. Dominee en pastoor vulden elkaar vloeiend aan. Zichtbaar in hun element. En hoewel de katholieken uit volle borst meezongen, was het voor de protestant af en toe tasten naar de juiste melodie. Natuurlijk had ik zo mijn vragen. Want wat te doen met het avondmaal? Even gingen mijn gedachten terug naar eerdere samenwerkingspogingen, die daarop waren stukgelopen. Nu echter niet, zo bleek al snel. Uitgerekend dit vraagstuk had wonderen gedaan voor de creativiteit. Gewapend met kleurrijke kaarsjes huppelden de kinderen terug uit de kinderdienst. Ook de dominee en pastoor voorin de kerkzaal werden omzoomd door manden vol kaarsjes. Het was de bedoeling dat de vele honderden kerkgangers naar voren zouden komen. Samen zouden we niet het brood breken, maar het licht ontsteken.

Licht van Christus

Niet veel later baadde de kerk in een vuurgloed. Langzaam maar zeker maakte de geur van wierook plaats voor die van versgezette koffie. Katholieken en protestanten verlieten de zaal om elkaar de hand te gaan schudden. Die dag was er niets meer dat ons scheidde. We ontmoetten elkaar en stelden vast dat we op elkaar leken. Als broeders en zusters van dezelfde Vader, die elkaar nooit eerder hadden ontmoet. We koesterden dezelfde hoop en dromen, maar evenzeer worstelden we met dezelfde dilemma’s. Ieder van ons was als gelovige geroepen om in een soms bizarre wereld te leven. Een realiteit van tanende economieën, gecriminaliseerde vluchtelingen en bedroevend nieuws. Dagelijkse duisternis, die schreeuwt om het Licht van Christus. En om mannen en vrouwen die bereid zijn dat te ontsteken. Gelovigen met het hart van een reformator. Zoals Franciscus van Assisi, Luther, Calvijn of … Paus Franciscus.

Kelly Keasberry

kellykeasberry@maandbladreveil.nl

Categorieën: Artikelen