Zondag rustdag of winkeldag?

‘Als in Nederland ook op zondag de winkels gewoon open zullen zijn, is het voor christenen een kwestie van wennen en zullen ook zij hiervan gebruik gaan maken.’

Deze stelling stond in een -al wat ouder- meinummer van Reveil. Hoe denken christenen hierover? Is het echt een kwestie van tijd voordat ze meegaan met de tijdgeest? ’s Morgens naar de kerk en aansluitend langs het winkelcentrum voor de wekelijkse boodschappen? Is daar iets mis mee?

In 1815 werd de Zondagswet door het parlement aangenomen. Het belangrijkste argument was dat iedereen de gelegenheid moest hebben om naar de kerk te gaan. In de tijd daarna werden stappen ondernomen om een uniforme tijd af te spreken waarop winkels gesloten waren. De reden was om oneerlijke concurrentie tegen te gaan tussen ondernemers met en zonder personeel. Van ’s ochtends 5 tot ’s avonds 8 uur, op zaterdag tot 22.00 uur en op zondag dicht, werd de afspraak. In de loop van vele decennia zijn de wetten waarin de winkelsluiting vast lag, veranderd. Vrouwen gingen de arbeidsmarkt op waardoor de vraag naar flexibelere openingstijden urgenter werd. In de jaren zeventig van de vorige eeuw kwam de koopavond op en in de decembermaand mochten de winkels de dagen voor Sinterklaas en Kerst ’s avonds open. Op zondag bleven de winkels gesloten, dat was nog steeds een normaal gegeven in ons land, de publieke norm was de christelijke.
Nu staan we staan voor de volgende stap: de zondagsopening waarbij de Zondagswet van tweehonderd jaar geleden ter discussie staat.

De Zonnegod

Het christelijke uitgangspunt dat er op zondag geen betaald werk wordt gedaan heeft zich in de loop der eeuwen ontwikkeld en was allerminst vanzelfsprekend. In de vroege kerk benadrukten de kerkleiders dat het hele leven aan God gewijd moest zijn. Pas na de bekering van keizer Constantijn kwam er in het dagelijks leven ruimte voor de zondagsrust. De keizer voerde de heilige dag van de zon in, aanbidders van de Zonnegod (Mithras) en de christenen kregen op dezelfde dag vrij. Je mag je dus afvragen hoe christelijk de achterliggende gedachte van de keizer was. In de zesde eeuw werd de zondag een strikte rustdag, die in de tijd van de Reformatie en door de puriteinen verder werd uitgewerkt.

Kwestie van wennen

Uit de verschillende reacties die we kregen op bovenstaande stelling kwam een genuanceerd beeld naar voren. Maar één ding was duidelijk: ondanks het feit dat er in de loop van de tijd veel is veranderd in het zondagse patroon van Nederlandse christenen, blijft de zondagsrust iets heel waardevols, meer dan een goed gebruik, waar we ons als volgzaam en vroom kerkvolk aan te houden hebben. De strenge regels van wat wel en niet op zondag mag, hebben een vorm van wetticisme die mensen graag achter zich lieten. Neem het reizen op zondag. Was dat 30 jaar geleden nog een groot taboe, nu is het voor de meesten geen punt meer. Ervaringen op dit gebied, opgedaan tijdens buitenlandse vakanties, zullen hier ook invloed op gehad hebben.
Het houden van de sabbat op een vaste dag in de week is een slechts vanuit de kerkelijke traditie te onderbouwen gebruik. Het sabbatsgebod is met de vervulling van de Wet vervallen, het principe van de sabbatsrust is dat niet. Op zich ben ik niet tegen het openen van winkels op zondag, zolang werknemers die het winkelende publiek bedienen, maar een andere dag hebben waarop ze hun rust echt nemen. Of ze dat doen, is natuurlijk hun eigen verantwoordelijkheid, maar dat geldt ook voor het geval op zondag alles dicht is – ook dan blijft het een keuze om een dag rust te nemen.

De strenge regels van wat wel en niet op zondag mag, hebben een vorm van wetticisme die mensen graag achter zich lieten.

Jonge christenen groeien op met een Albert Heijn en Jumbo die zeven dagen per week open zijn. Zij zullen naarmate de tijd verstrijkt, minder moeite hebben met de mogelijkheid om op zondag boodschappen te doen of te winkelen. Mensen die in het buitenland op vakantie zijn hebben er daar geen of minder moeite mee. In eigen land zal het een kwestie van wennen zijn; over een aantal jaren zijn de meesten – zeker jongeren – de schroom voorbij. Een goede gewoonte lijkt te worden losgelaten.

Geld moet rollen

Gevaar is dat de kern van de zondag, de wekelijkse eredienst, verdwijnt in de drukte van alledag: de zondag dreigt een dag te worden als bijvoorbeeld de zaterdag.
Het centrale van de zondag is de kerkgang met uitstraling: een rustdag om dichter bij de Heer te kunnen komen en dichter bij jezelf, je familie en je vrienden. Dat is een bijbels voorschrift: onderhoud je samenkomsten. De winkelier die dit doorkruist met handel, en de klant die dit doorkruist met winkelen, stimuleert deze kern van de zondag niet.
En wat moet de winkelier die in zijn eentje z’n winkel runt? Sluiten op zondag terwijl de concurrent wel open is? Tweehonderd jaar geleden werd de winkelier zonder personeel beschermd. Nu moet het geld blijven rollen.
De winkeliersvereniging had ervoor gekozen iedere derde zondag open te zijn. Op mijn vraag of hij (eigenaar van een dierenwinkel)meedeed, antwoordde hij ‘nee’. Hij had er, samen met zijn vrouw, lang over nagedacht. Uit principe wilden ze het niet doen. Er was nog iets anders wat hun beslissing had beïnvloed. Hun gehandicapte zoon kwam alleen op zaterdag en zondag thuis. Moest hij dan zeggen ‘op zondag moet papa werken?’
Het is ons gebed dat ieder die verlangt de weg van het koninkrijk van God te gaan, zowel klant als winkelier, zich meer bewust mag worden van de waarde van de rustdag. Niet als wet, maar als evangelie.

Nieuwe uitdaging

Geen kerkwet dus, en geen wetticisme, maar wel een goede traditie die het principe van de sabbatsrust in zich heeft en die we dreigen kwijt te raken. Wat betekent dit voor de kerk? Moet de kerk winkelen op zondag verbieden of moet zij het zien als een nieuwe uitdaging?
Folderen bij een drukke winkel, of met een zanggroepje vrolijk over de Heer zingen in het winkelcentrum. Of een kerkdienst houden in een zaal in het winkelcentrum zoals de Stadshartkerk in Amstelveen lange tijd deed.

Iemand vraagt zich af hoe onze achterkleinkinderen de zondag zullen doorbrengen.
Ik hoop in liefde en eerbied voor de Heer, met bidden, zingen, studeren en luisteren in een samenkomst met andere christenen, en verder moet hun christelijk geweten de weg maar wijzen, in overleg met mede-christenen.

Ati van Gent
ativangent@maandbladreveil.nl

Categorieën: Artikelen